Leerhandicaps

De hersenen sturen ons lichaam, ons gedrag, onze emoties en ons denken aan. Het verbeteren van onze hersenfunctie kan dan ook heel veel kopzorgen wegnemen.

Denk aan leer- en gedragsproblemen, angst, onzekerheid, innerlijke onrust of onze motoriek. rTMS, tDCS en AVE optimaliseren uw centrale zenuwstelsel en trainen uw hersenen hun totale potentieel te gebruiken. Met neurofeedback worden onze hersenen getraind om flexibeler en efficiënter te gaan functioneren.

Heeft uw kind last van dyslexie, faalangst, ADHD/ADD, dyscalculie of concentratieproblemen? Door middel van rTMS, neurofeedback, AVE en andere therapieën, die we in onze praktijk aanbieden, worden de hersenen van uw kind heel algemeen of juist heel specifiek aangepakt. Met als resultaat optimale leerprestaties, verbeterde concentratie en zit uw kind veel beter in zijn vel.

Neem vrijblijvend contact met ons op en ga u beter voelen.

De meest voorkomende leerhandicaps zijn:

Dyslexie

Je hebt moeite met correcte spelling van woorden, soms ook met correcte opbouw van zinnen. Dat betekent dat je ook bij de moderne vreemde talen problemen met spelling en woorden correct leren, zult ondervinden.

Bij de moderne vreemde talen kun je woorden leren op verschillende manieren trainen:

- gewoon overlezen (minst intensief)
- hardop lezen
- hardop lezen en opschrijven
- hardop lezen en daarbij in een vast tempo op je kamer heen en weer lopen (letterlijk de woordjes erin proberen te "stampen")

Al deze methoden kun je ook combineren tot een hele intensieve manier van woorden leren. Voor dyslectici kan dit betekenen dat je toch minder fouten gaat maken in de spelling.

De onderwijsinspectie staat de scholen toe om in de beoordeling rekening te houden met dyslexie. Dat gebeurt op de meeste scholen ook. Je kunt dat meestal ook bij de examencommissie of via je mentor/klassenleraar aanvragen. Je moet dan meestal wel een dyslexieverklaring kunnen overleggen van een erkende deskundige. Vaak mag die verklaring ook niet ouder zijn dan enkele jaren.
 

Dyscalculie

Je hebt moeite met rekenen/berekeningen uitvoeren. Soms gaat dit samen met andere problemen op het gebied van ruimtelijk inzicht, klokkijken, spellingsproblemen.

Aan te raden is in deze situatie om geen vervolgopleiding te gaan doen waarbij rekenen een zwaar onderdeel vormt. Gelukkig zijn er volop opleidingen waarbij je met dyscalculie heel succesvol kunt zijn.

Wel is het soms een probleem om op de middelbare school een basisdiploma te halen als je een zware vorm van dyscalculie hebt. Slechts met intensieve persoonlijke begeleiding is het dan mogelijk om toch je diploma te halen. Je moet hiervoor dan een extra zware inspanning plegen.
 

Faalangst

De vraag is of hier sprake is van een echte leerhandicap, maar faalangst kan je prestaties negatief beïnvloeden.

Gelukkig zijn er steeds meer zogenaamde "faalangst reductietrainingen", die je meestal via je mentor of decaan kunt aanvragen. Je leert dan studie- en gedragstechnieken aan waardoor je de faalangst onder controle krijgt, waardoor het geen negatieve invloed meer heeft op je resultaten. Eigenlijk heeft iedereen wel een vorm van faalangst, maar pas wanneer dit je prestaties daadwerkelijk drukt, spreekt men officieel van faalangst.
 

ADHD

Wat is ADHD?
ADHD staat voor Attention Deficit Hyperactivity Disorder, oftewel Aandachts-Tekort-Stoornis met Hyperactiviteit.
Makkelijker te onthouden is misschien Alle Dagen Heel Druk. Maar: deze benaming klopt niet helemaal omdat niet iedereen met ADHD hyperactief of druk is! In het Engels heeft men het vaak over ADD, dus zonder H, ook als men over ADHD-ers spreekt, dus met en zonder hyperactiviteit. Hopelijk vindt u in de toekomst via deze pagina ook specifieke informatie over de niet-hyperactieve vorm: ADD.

Wat als je problemen hebt?
Als je ADHD hebt kun je van veel verschillende dingen last hebben. Een verdeling die gemaakt kan worden is de volgende:
• aandachtsproblemen of concentratieproblemen • impulsiviteit • hyperactiviteit

Daarnaast zijn er bij ADHD ook vaak problemen met de - tijdsbeleving. Deze verschijnselen hoeven niet allemaal voor te komen, er zijn verschillende typen ADHD.

Aandachtsproblemen
Hierbij is er sprake van vergeetachtigheid, moeite hebben met details, je spullen kwijtraken, afgeleid raken door andere dingen, van alles tegelijk doen. Niet kunnen kunnen focussen op de taak en blijven luisteren, 'het ene oor in, het andere uit' valt hier ook onder. Maar ook hyperfocus komt voor, het lijkt dan alsof men 'wel kan, als men maar wil'. Iemand zei eens: een ADHD-kind wordt zijn hele leven gestraft als hij twee keer iets goed doet. Bedoeld wordt hiermee dat als het kind zich heel sterk ergens op richt, hyperfocust, een taak dan kan worden afgerond, en vaak nog goed ook. Dit zet dan de verwachting voor de volgende keren en dan kan het misschien wel niet lukken om te 'hyperfocussen'. Dan zegt de omgeving al snel: "Je kunt wel, maar je wilt niet, je bent lui!"

Impulsiviteit
"Eerst doen, dan denken". Dingen 'eruit flappen', voor je beurt spreken (vaak ook omdat men bang is te vergeten wat men wil zeggen, zie ook de vergeetachtigheid), vreetbuien, snel relaties aangaan en weer verbreken, geld uitgeven zonder dat het nodig of verantwoord is, voordringen zonder dat men er erg in heeft.

Hyperactiviteit
Altijd een gevoel van onrust in het lijf, niet stil kunnen zitten, steeds moeten opstaan en rondwandelen, steeds friemelen met de handen of met een voorwerp, tikken met de voeten, doorpraten alsof er geen rem is. Lange verhalen vertellen, waarbij de luisteraar de draad allang kwijt is. Gespannen zijn en blijven, moeilijk to rust komen. Vaak beweeglijk zijn in de slaap.

Tijdsbeleving
Ook wordt tijdsbeleving genoemd, al staat dit niet in de DSM-IV criteria. Bij veel ADHD-ers is er namelijk een probleem met het inschatten van tijd. Je komt vaak te laat, schat de tijd die ergens voor nodig is altijd verkeerd in, altijd te kort. Alsof de klok in je hersenen niet goed loopt. ADHD-ers komen vaak te laat! Zelfs is er onderzoek gedaan of je dit verschijnsel zou kunnen gebruiken als een van de testen op ADHD. 
 

Waar kan mijn kind heen als het op school niet goed gaat?

Op de website van het landelijk netwerk autisme staat uitgebreide informatie over de mogelijkheden voor ondersteuning als het niet goed gaat met een kind op school. U vindt deze informatie op: www.landelijknetwerkautisme.nl
 

In welk cluster hoort ons kind thuis?

Kinderen met autisme komen vooral voor in de clusters 2 en 4, maar soms ook in cluster 3 of 1. Cluster 1 is voor kinderen die blind of slechtziend zijn.

Als uw kind met autisme daarnaast blind of slechtziend is, komt het wel in aanmerking voor cluster 1 (maar dat staat dus los van het autisme). Cluster 2 is voor leerlingen met ernstige communicatieve beperkingen, doven en slechthorenden. Wanneer uw kind met autisme vooral ernstige communicatieve problemen heeft, en niet of nauwelijks gedragsproblemen, past het goed in cluster 2. In cluster 3 kan een kind met autisme terecht komen die zeer moeilijk kan leren of naast het autisme een motorische handicap heeft. In cluster 4 zitten leerlingen met gedragsproblemen, al dan niet als gevolg van psychiatrische problematiek of autisme. De meeste kinderen met autisme gaan meestal naar cluster 2 of 4. Meer informatie over de exacte criteria per cluster vindt u op: www.lcti.nl
 

Mijn kind kan niet meer naar school, krijg ik nu een boete?

Wanneer uw kind niet meer naar school kan, krijgt u te maken met een leerplichtambtenaar.

Wanneer het voor uw kind echt niet mogelijk is naar school te gaan, kan deze worden vrijgesteld van de leerplicht. Meer informatie over de leerplichtwet vindt u in het overzicht van onderwijswetgeving en op: www.leerplichtwegwijzer.nl.
 

Mijn kind wil naar school, maar er is geen passende school, wat nu?

Wanneer uw kind niet meer naar school kan, krijgt u te maken met een leerplichtambtenaar.

Wanneer het voor uw kind echt niet mogelijk is naar school te gaan, kan deze worden vrijgesteld van de leerplicht. Meer informatie over de leerplichtwet vindt u in het overzicht van onderwijswetgeving en op: www.leerplichtwegwijzer.nl.
 

We willen een Rugzakje aanvragen, hoe gaat dat?

Uitgebreide informatie over het rugzakje vindt u op: www.oudersenrugzak.nl
 

Geldt het Rugzakje ook voor het VO?

Ja, ook in het voortgezet onderwijs kunnen leerlingen gebruik maken van een rugzakje.
 


Tot slot:
Boven staan de meest voorkomende vormen van leerhandicaps. Er zijn er uiteraard nog meer, maar we hebben ons beperkt tot de meest voorkomende. Mocht je nog vragen hebben over andere leerhandicaps, stel ze dan gerust.