QEEG/EEG

Om een verantwoord behandelplan op te stellen is 
een Q-EEG onderzoek noodzakelijk. Een Q-EEG geeft een driedimensionaal beeld van onze hersenen.

Door dit onderzoek wordt inzicht verkregen in de connecties tussen onze hersenen onderling. Deze connecties worden weergegeven in een brainmap. De brainmap legt vast waar de connecties uit balans zijn of niet aanwezig. Hierdoor wordt in kaart gebracht welk gedeelte van de hersenen getraind moet worden.

Q-EEG's, die tijdens en na de behandeling(en) gemaakt worden, geven inzicht in de vorderingen en resultaten van de neurofeedback, rTMS of tDCS behandelingen.

Neem vrijblijvend contact met ons op en ga u beter voelen.


 

Het Q-EEG in het kort

Het EEG bestaat uit verschillende golven. De verschillende golven onderscheiden zich van elkaar door de verschillende snelheden van de golven en door het karakter (morfologie).

Alfa golven zijn bijvoorbeeld heel duidelijk zichtbaar in de vorm van mooie ronde golven, als iemand zijn ogen dichtdoet. Deze golven lopen in de pas met elkaar tussen de verschillende meetlocaties/sensoren. Bèta golven zijn hele hectische krioelerige golven en verschilen meestal juist erg over de verschillende metlocaties/sensoren. Het EEG is dus een meting van de activiteit van uw brein over het gehele hoofd. U krijgt een soort badmuts op, waarin de sensoren zitten, die dit meten. Elk lijntje van het EEG wordt gemeten door één van de sensoren in de "badmuts".  U merkt hier verder niks van. 

Met de informatie uit de meting kunnen we kijken hoe de verschillende golven verdeeld zijn over de hersenen. We zetten het uit in een soort kaart van het hoofd, een "brainmap" Hieronder zien we bijvoorbeeld hoe de alphagolven over het hoofd verdeeld zijn. Met behulp van de brainmaps kunnen we kijken waar uw brein uit balans is en waar we dus moeten trainen.

      
 

Het EEG

Hieronder is een stukje van een EEG te zien bij iemand die zijn ogen dicht heeft.

Elk lijntje wordt gemeten door een sensor die in de badmuts zitten die u op heeft tijdens de meting. De bovenste lijntjes worden gemeten voorop het hoofd, naar onderen toe zijn de lijntjes gemeten met sensoren meer naar achteren toe. Het EEG op deze manier getoond, waarbij we de lijntjes zien wordt ook wel het ruwe EEG genoemd.


 

Wat is een golf?

De golven die we kunnen meten op uw hoofd komen door spanningsverschillen die met verschillende snelheden veranderen. Het spanningsverschil wordt vaak gemeten ten opzichte van een neutraal punt, de oren. Net als dat we de zeespiegel ook alleen kunnen meten als we 1 punt als neutrale waarde nemen, het NAP. De snelheid waarmee het veranderd geeft de snelheid van de hersengolven aan. Hieronder staan enkele hersengolven afgebeeld. Het is een stukje EEG van 2 seconden.

Een cyclus van de golf: het punt waarbij deze onder de middenlijn schiet tot aan het volgende punt dat deze opnieuw eronder schiet, noemen we 1 golf. Maakt de golf 1 keer per seconde zo'n cyclus dan noemen we het een golf van 1 Hz (hertz). Zo hebben we ook golven van 2 Hz of zelfs 40Hz.


 

De verschillende golven

Nu gaan we bekijken uit welke golven het EEG opgebouwd is.

We onderscheiden in het EEG dus golven met verschillende snelheden, van traag naar snel. De belangrijkste zijn de delta, Theta, alpha en beta. Hieronder zien we een stukje EEG van 1 sensor geselecteerd uit het EEG van de eerste afbeelding. Het betreft een sensor achterop het hoofd.

Het totale ruwe EEG 
Dit plaatje toont het totale ruwe EEG, de cijfers erboven geven seconden aan. Het is dus een stukje EEG van 3 seconden lang.

Delta golven 
Nu pakken we uit dit totale EEG een bepaald type golf, de delta golven. Dit zijn trage ritmische golven die vooral tijdens de slaap te zien zijn. Normaal zijn ze als iemand wakker is, niet sterk aanwezig. Bij hersenbeschadigingen zijn ze vaak goed te zien. Hieronder is ook te zien dat ze niet erg sterk zijn. Deze golven zijn 1 tot 3 Hz, dat wil zeggen: de golven die 1 tot 3 keer in een seconde passen worden tot de deltagolven gerekend.

Theta golven 
Theta golven zijn iets sneller, 4 tot 8 Hz, dus alles tussen de 4 tot 8 golven per seconde. Ze zijn normaal gesproken een teken van onderactiviteit van een hersendeel.  Ze worden vaak waargenomen tijdens de slaap, maar ook bij ADHD en soms bij depressie. Hieronder is te zien dat ze niet erg sterk zijn. Maar het plaatje daarna is van iemand met ADHD. Het is duidelijk te zien dat er af en toe enorme uitschieters zijn van Theta golven.

Theta golven bij iemand met ADHD

Alpha golven 
Deze golven tonen zich vooral bij het sluiten van de ogen. Het is een teken van passiviteit van de visuele gebieden in de hersenen. Het zijn hele mooie ronde golven die duidelijk opvallen in een EEG. Overmaat aan alphagolven met ogen open en/of ogen dicht kan wijzen op problemen. Verschillen in alphagolven worden gerelateerd aan depressie en soms ook ADHD. De alphagolven zijn 8 tot 12Hz, dus 8 tot 12 golven per seconde. Het EEG was van iemand die zijn ogen dicht had en is ook achterop gemeten. Vandaar dat de alphagolven erg sterk te zien zijn. Deze alpha golven zijn ook makkelijk te onderscheiden in het totale EEG.

Bèta golven 
Dit zijn snelle krioelende golven. Ze hebben te maken met activatie van een bepaald hersendeel. Overmaat hiervan wordt soms gezien bij ADHD, ondermaat van deze golven onder andere ook bij ADHD, depressie, burn-out en migraine. Bèta golven zijn van 13 tot en met 38Hz, dus 13 tot 38 golven per seconde. Binnen de Bèta golven zijn ook weer onderverdelingen, zoals beta1, beta2, beta 3 en SMR. Bij concentratie kan er een verhoging te zien zijn van Bèta golven.


 

Het Q-EEG

We hebben nu uitglegd wat het EEG is. Om gemakkelijker inzicht te krijgen in de verdeling van de hersengolven over de schedel, kunnen we hier door de computer bewerkingen op uit laten voeren.

We spreken dan van een Quantitatief EEG of QEEG. Tevens kunnen we op deze manier iemands eigen EEG vergelijken met het EEG van een normgroep die klachtenvrij is. Bij zo'n vergelijking kunnen dan bepaalde dingen opvallen. Bijvoorbeeld dat iemand veel Theta heeft in het EEG. Dit zou kunnen duiden op ADHD. Om het gemakkelijk inzichtelijk te maken kunnen we de meetwaarden uitzetten in brainmaps. Net als een wereldkaart maken we een platte weergave van de hersenpan. Door middel van kleuren geven we vervolgens de meetwaarden aan. Hieronder zien we zo'n brainmap. Net als bij een landkaart wordt er een platte afbeelding gemaakt van de schedelpan die in feite natuurlijk rondloopt. Het bovenste driehoekje is de neus, de halve rondjes aan de zijkant zijn de oren. Het gaat hier om de verdeling van alphagolven over het hoofd. Eronder staat een schaal, deze loopt op van blauw tot rood. Gebieden waar relatief weinig alphagolven worden gemeten en/of hele kleine alphagolven, kleuren blauw. Gebieden waar relatief veel alphagolven worden gemeten en/of grote alphagolven, kleuren rood. De andere kleuren zitten ertussenin.

Nu is het natuurlijk lastig om aan de hand van het bovenste plaatje te zeggen of iemand veel of weinig alpha heeft, want wat is nu veel en wat is weinig ? Daarom wordt er ook gebruik gemaakt van een database. In die database zitten de EEGs verwerkt van mensen die geen klachten of klachtengeschiedenis hebben. Iedereen wordt vergeleken met leeftijdsgenoten. Op deze manier kunnen we bijvoorbeeld beoordelen of iemand met ADHD klachten ook daadwerkelijk een typisch ADHD beeld heeft. Een typisch ADHD beeld is een overmaat van thetagolven. Hieronder zien we zo''n vergelijking. Door middel van de kleurenschaal is af te lezen hoe iemands hersengolven afsteken ten opzichte van de database. Heeft iemand weinig van bepaalde golven dan wordt dit weergegeven met een blauwe kleur. Bij gemiddeld veel golven kleurt die plek groen, bij meer golven geel en bij teveel golven rood. De cijfertjes van -3 tot 3 zijn standaarddeviaties; dit is een maat voor spreiding. Het blijkt dus dat degene hieronder erg veel Thetagolven heeft, met name midden op het hoofd. Dat is een typisch ADHD kenmerk.

We kunnen zelfs losse frequenties vergelijken met de database. Hierboven zagen we dat theta (4 - 8 Hz) flink verhoogd is. Kijken we naar de losse frequenties dan zien we dat vooral 6 Hz verhoogd is, maar 8Hz bijvoorbeeld helemaal niet.

Bekijken van resultaten door middel van neurofeedback 
De brainmaps maken het ons ook makkelijk om de resultaten van de neurofeedbacktrainingen te beoordelen. We kunnen immers de brainmaps van voor en na de training met elkaar vergelijken. We kunnen dat doen door de brainmaps te gebruiken die niet gebruik maken van de database. Hieronder zien we dat de Theta voor de training (links) eerst 56 was (microvolt) en na (rechts) de trainingen 17 (microvolt). Nu is het echter weer de vraag of deze afname veel is en hoe sterk het was voor de training. Dit kan mooi getoond worden door de brainmaps die zijn gemaakt met behulp van de database. Nu kan duidelijk gezien worden dat de theta, vergeleken met de database, eerst erg hoog was en dat na de trainingen de theta vrijwel identiek is geworden aan de mensen in de database.


 Wilt u gebruik maken van een Qeeg / EEG scan? Neem contact met ons op!